1707 Apr 14 (letter 18 - E.H. Le Boucq) - p. 68

68

Men sal mischien seggen dat andere predikanten daar noijt over
geklaaght en hebben, t' is waar, maar sij hebben haare gebie[...]
moeten naar d'oogen sien wildense hare gunst deelaghtigh sijn
dit kan niet doen, dan so ver de bellickhijd mede brenght, en
mijn plight vereijscht, want tot dato deser hebbe nog,
niet konnen leeren: eenen ooghdienaar te sijn, en oordele[.]
het oock niet mijn bedieninge niet over een te komen: wan[t]
in dien ick hadde willen swijgen, in saaken daar ick oordelen
dat een reghtschape predikant behoorde naar sijn gemoedt
te spreken, soo soude al langh predikant van Batavia gewer[...]
[...ben], de weijl tot dien eijnde haar edelhedens op Battavi[a]
den 19 meij 1705 een resolutie trocken om mij altijt op Battav[ia]
te houden om in de Portugesche kerck geemploeijieert te werde[n]
maar naar dat ik in korten tijt verschijde maalen in de Portu-
geesche, kerk gepredickt [......] hadden hebben haar ed:
een Duijts predikant in de Portugesche kerk beroepen, een
saeck die de grootste opschuddinge van de weereld veroorsae-
ckt heeft. Want seijden, die der Portugesche gemeijnte: In dien
wij genegenthijd hebben, om de Duijtsche taale te hooren waarom
en konnen wij soo wel in [de] Duijtsche <kerck> die taal [...] [...] niet
hooren als in onse kerck, men behoorden ons ten minsten
onse vreijhijd te laaten. Ick hebbe nenighmaal (sic) gesien dat
de meeste van de Portughese [gemeinte] uijt de kerck gingh
wanneer der Duij[t]s gepredickt [w.r.] en in dien uw edel:
maar gelieven nae te sien den jaarelijckschen leijst der ledenma-
ten, die der tot de Portugesche gemeijnte aangenomen werden, soo
sullen uw eerw: bevinden dat het getal der Portugesche ledemaaten
ver boven dat der Duijtsche gaat, Jae ick magh met waarhijd
seggen dat de Portugesche kerck <of gemeijnte> eens soo sterck als de
Duijtsche is, en eghter stelt men ses Duijtsche predikanten
en maar twee Portugesche, soo dat ick dese saack aan
uw eerw: doordringent oordeel over laate, t' is of de gebreders (sic)
de sielen der Duijtsche gemeijnte dierbaarer, dan der Portgesche oordeelde[.]
waar over veele nogh sughten, wanneer men nu ontrent sulke
en diergelijke saaken sijn gedaghten kompt te uijten, soo
en is het niet veel, sweijght men stil soo volbrenght men
sijn plight niet, soo dat men hier in dese gewesten reght
door zee gaande oock niet voldoen en kan.
Mij versoeck nu ontrent uw eerw: is, dat uw eerw: gelieven
de goedthyd te hebben van mijn versoeck bij de heeren te onderschre[...]
gen door u eerw: veel vermogende voorspraack, op dat de
gemeijnte van Drakenstijn met een behoorlijck huijs, kerck,
school, en kranckbesoeker voorsich moght [werden], want anders
kan daar niet woonen deweijl daar nogh [hiier], nogh andere
[enige] huijsen sijn om inte trecken, of dat dan order magh
gestelt werden waar dat mijn dienst doen moete, dan
t' sij of aan de Caap, of op Battavia voor Portugesche
predikant soo als de heeren bewinthebberen dat sullen

Print Email